Mark Saey | Civiclab

Fase 5. Standpunt

“Het huidige onderwijs verschaft de leerlingen te weinig het inzicht dat het onderwijs onontbeerlijk is in functie van de problemen van de moderne maatschappij. Daarom hechten wij er bijzonder veel belang aan dat de school de leerinhouden, die ze uit het cultureel patrimonium van de samenleving destilleert, zou plaatsen in een relevante context van actie en engagement.” Aelterman A. (1996): Cursus Algemene Didactiek, U.Gent.

Voor de fase Standpunt beargumenteren de leerlingen hun uiteindelijke oordeel over zowel het onderwerp als hun traject. Hun collectieve standpunt kwam in de vorige stap (Fase 4.) reeds aan bod, hier publiceren we een voorbeeld van een individueel standpunt.

Het nut van een project zoals het onze

Ruben

Voor wie zich mocht afvragen welk nut dit project zou hebben gehad, hier is wat opheldering. Ik kan natuurlijk niet voor iedereen spreken, maar voor mij was dit vooral een grote verruiming, zowel op geestelijk vlak als voor mijn hele persoon. Ik wil niet zeggen dat ik kortzichtig was voor ik aan het project begon, maar in vergelijking met wat ik nu allemaal weet, wat ik begrijp en wat ik kan plaatsen, zien en uitleggen, heb ik heel wat bijgeleerd. Ik geef een paar voorbeelden.

Ik dacht dat alle vreemdelingen en mensen zonder papieren hoofdzakelijk van Turkse of Marokkaanse origine waren. Wel, ik was mis. Er zijn in België mensen uit landen waar ik zelfs nog nooit van gehoord had. We interviewden mensen van Ghana, Oezbekistan, Slowakije, Ecuador, Kameroen, enz. Er is zoveel meer diversiteit dan een gemiddelde leerling ooit zou denken!

Een ander voorbeeld dat mijn blik volledig veranderde is dit. Ik dacht dat elk land op zichzelf ontwikkelde, los van andere landen. Ik dacht dat ieder land zijn eigen ontwikkeling had doorgemaakt, van landbouw naar industrie, dat elk land over voldoende rijkdommen beschikte, dat er verder wat handel werd gedreven tussen de landen onderling en dat alles op dat vlak zowat evenredig was. Want, zo dacht ik, anders valt zo’n wereldeconomie zeker uiteen. Alweer mis. Geen enkel land ontstond of ontwikkelde op zichzelf. Denk maar aan de Belgen in Congo. Ze hebben het land daar leeggemolken, we persten elk stukje rijkdom uit Congo. En eenmaal wij daar weg waren, kreeg het land zelf de schuld dat het nu achterop zit ten opzichte van de westerse landen. Tot op de dag van vandaag worden die oude kolonies niet terecht behandeld door de rest van de wereld. En kijk naar China, waar vandaag grote Amerikaanse multinationals hun fabrieken vestigen, of naar Chinese bedrijven in Afrika, op zoek naar goedkope arbeidskrachten en grondstoffen. Zo zien zij het, maar ik noem het vooral uitbuiting en onderdrukking. Mensen die bijna niets betaald worden, zeker in vergelijking met de winst die de bedrijven maken. Geen enkel land ontstaat of ontwikkelt op zichzelf of raakt achterop door zichzelf. En dat doet je ook helemaal anders denken over vreemdelingen, vluchtelingen en mensen zonder papieren.

Ik interviewde, samen met Glenn, een familie uit Slowakije. Het was een Roma familie, of zoals ze ook daar beledigd worden: ‘zigeuners’. De familie werd onderdrukt, uitgebuit, geslagen, beroofd en afgeperst in eigen land. Zij wilden daar niet meer leven, ze wilden gewoon gelukkig zijn, werken, geld verdienen, een huisje kopen. Ze wonen hier nu al jaren en probeerden al die tijd een wettige verblijfsvergunning te krijgen, maar daar hebben ze volgens de Belgische wetgeving geen recht op. Want ze hebben ‘geen goede reden’ om op de vlucht te zijn. Het zijn geen politieke vluchtelingen, ze hadden geen religieuze problemen, geen problemen omwille van hun nationaliteit, maar wel omdat ze zigeuners zijn. In principe moeten ze opgevangen kunnen worden, want dat zegt de Conventie van Genève toch. Maar ze hebben jammer genoeg geen keiharde bewijzen op foto of papier van persoonlijke vervolging. Die conventie lijkt soms meer een middel te zijn geworden om mensen te selecteren dan om ze te beschermen. Als ze niet kunnen bewijzen dat ze mishandeld en onderdrukt werden, dan zijn het meteen leugenaars en profiteurs. De familieleden kregen geen verblijfsvergunning. Dus verblijven ze nu illegaal in België omdat voor hen terugkeren echt geen optie is.

De man in het gezin heeft heel slechte tanden, ze brokkelen af en het tandvlees ontsteekt. De meeste van zijn tanden waren zwart. Maar hij kreeg geen hulp van een tandarts, hoewel hij wel nog dat ene recht op dringende medische hulp heeft. Blijkbaar is zoiets niet dringend genoeg, en is het gebit van iemand zonder wettig verblijf wat anders dan het gebit van een Belg. Hier worden mensenrechten geschonden, bij mensen die ze net het hardst nodig hebben. En het is wel duidelijk dat maar weinig mensen zich daar om bekommeren. Sterker nog, ‘wij’ voelen ons bedreigd door ‘vreemdelingen’. Eigenlijk vormt die ‘wij’ nog een extra bedreiging voor hen. Zij komen uit een ellende die wij ons maar moeilijk kunnen voorstellen, maar omdat het zogenaamde draagvlak niet groot genoeg is, kunnen ‘wij’ deze mensen niet helpen. Dan is het toch wel goed dat ‘wij’ probeerden om dat draagvlak ietsje groter te maken.

In België hebben we een welvarende economie. Maar moesten we alle mensen die hier illegaal verblijven terugsturen naar hun land van oorsprong, dan zouden nogal wat bedrijven in de problemen komen. Mensen zonder wettig verblijf werken wanneer ze kunnen, maar dan wel in het zwart, want werken mogen ze niet. Wat voor werkgevers opnieuw betekent: goedkope werkkrachten, dikwijls in sectoren waar je maar weinig Belgen ziet werken. En als die goedkope arbeiders wegvallen maken de bedrijven minder winst, moeten ze besparen, betalen ze andere werknemers minder of ontslaan ze die, moeten die weer spaarzamer zijn, kunnen die minder consumeren, enz.

Aan de andere kant zitten we met een probleem van vergrijzing. Dit wil zeggen dat de sociale kas te weinig inkomen heeft voor de pensioenen. Als we nu eens meer mensen legaal laten verblijven in België, we laten ze legaal werken, geven ze rechten, en we laten ze belastingen betalen, dan komt er toch geld in de sociale lade? En dan geraken misschien ook de ergste toestanden in die ‘3D-jobs’ (dirty, difficult, dangerous) van mensen zonder papieren wel opgelost.

Er moet meer evenwicht komen in het hedendaagse beleid. En we moeten weg van dat zwart-wit denken over migranten dat het draagvlak zo klein houdt. Niet iedereen kan in één land worden opgevangen, maar kunnen we, mogen we, zoveel mensen tegenhouden of in mensonwaardige omstandigheden achterlaten? Landen zoals België zouden er in de eerste plaats voor moeten zorgen dat de rechtvaardigheid in de wereld hersteld wordt. Anders is hun bekommernis om de menswaardigheid van hun beleid slechts een druppel op een hete plaat.

Het nut van dit project is dat het leerlingen opleidt tot wereldburgers. Onze slogan vat het immers goed samen: laten zien en aantonen dat we allemaal burgers zijn van één wereld, ongeacht de fictieve grenzen, en dat rechtvaardigheid een mondiale kwestie is.

Je leert wel wat over de wereld op school, althans toch in mijn richting, maar je bijna een jaar lang verdiepen in zo’n probleem, aan de hand van interviews, lessen en allerlei buitenschoolse activiteiten, dat is toch iets helemaal anders. Het is veel echter en het raakt je ook veel dieper. In het PPGO – het Pedagogische Project van het Gemeenschapsonderwijs – staat dat wij bovenal mensen moeten worden “die opkomen voor de mensenrechten, voor sociale rechtvaardigheid en voor democratische instellingen”. Dat wist ik helemaal niet, ik dacht dat wij gewoon naar school gingen om wat brokjes kennis op te doen en om later te kunnen werken. Welnu, ik denk dat juist dat engagement het verschil maakt en dat juist dat het nut is van een project zoals het onze.’ (JWW, p.45-50)

StumbleUponPrintFriendly